Onze gevallen knuffelrapper moest zich weer melden bij het gerechtshof voor de langverwachte aftrap van zijn hoger beroep in de veelbesproken zedenzaak. Er hangt al twee jaar cel boven zijn hoofd na die donkere onthullingen dus je zou een ingetogen en bescheiden entree verwachten. Niets bleek echter minder waar, want de komst van de rapper veranderde binnen enkele seconden in een lachwekkende slapstick.
Een vernederende entree op de sokken
De voltallige vaderlandse pers had zich natuurlijk weer als een hongerige zwerm verzameld voor de deuren van het Amsterdamse hof. Binnen de kortste keren ontstond er een complete poppenkast waarbij de spanning om te snijden was. In al dat gedrang ging er blijkbaar iemand per ongeluk op de peperdure patta van de rapper staan. Daar sta je dan ineens als stoere gozer van vierenveertig te grabbelen naar je evenwicht in de koude wind. De chaos was compleet en de verslaggevers van RTL Boulevard konden hun ogen amper geloven toen ze noteerden “Door de chaos werd er op de hiel van zijn schoen gestaan, waardoor deze losschoot.”
Zijn keurige sokjes werden ongewild aan het grote publiek getoond en de zanger raakte lichtelijk in paniek door deze publieke vernedering. Hij probeerde zich wanhopig een weg te banen door de menigte en smeekte de aanwezige journalisten “Mag ik er alsjeblieft even langs” Hij moest en zou natuurlijk zo snel mogelijk die veilige rechtszaal in vluchten. Een ooggetuige vatte het treurige schoenincident later uiterst droogjes samen met de waarneming “Die schoot los.”
Het ingestudeerde toneelstukje
Eenmaal weer in balans mét beide schoenen aan de voeten besloot hij toch even zijn momentje te pakken voor de draaiende camera’s. Maar denk maar niet dat de man zin had in een open en eerlijk gesprek met kritische vragen. Nee hoor, hij had een uiterst eenzijdig en vooraf strak ingestudeerd praatje meegenomen. Hij keek de pers strak aan en sprak de nogal kille woorden “Ik ben hier niet om vragen te beantwoorden. Ik ben hier gewoon om iets te vertellen. Zoals jullie hebben gemerkt doe ik het anders dan ik de vorige keer heb gedaan.”
Waarom hij plotseling voor deze afstandelijke aanpak koos werd al snel duidelijk. Onze Ali voelt zich namelijk gigantisch onbegrepen door ons de immer kritische media. Hij trok de slachtofferkaart en jammerde steen en been met de monoloog “De vorige keer heb ik antwoord gegeven op iedereen, op echt iedereen. Ik heb voor iedereen tijd gemaakt, ik heb alle camera’s toegelaten en dat deed ik in de hoop dat er dan aandacht zou komen voor de feiten die altijd maar onderbelicht blijven. De feiten. Het gaat altijd om de beeldvorming, maar nooit over de feiten.”
Valse empathie
Blijkbaar weigert hij nog steeds in te zien dat juist zijn stuitende arrogantie en narcistische houding tijdens de vorige zittingen hem genadeloos de das hebben omgedaan in de publieke opinie. Hij wees liever met een beschuldigende vinger naar de verslaggevers en vervolgde zijn klaagzang “Ik had gehoopt dat het op die manier over de feiten zou gaan als ik die zou delen en transparant zou zijn, maar in plaats van het hebben over de feiten, is het vooral gegaan over mijn houding, dus dat is helemaal verkeerd uitgepakt. Dat is niet wat ik wil.”
Om zijn pr-praatje nog wat aan te dikken strooide hij er tot slot een flinke snuf valse empathie overheen. Hij keek bloedserieus en deelde mee “Het zijn ernstige aantijgingen en ik wil graag zeggen dat aangiftes, meldingen van seksueel grensoverschrijdend gedrag, heel serieus genomen moeten worden. Heel, heel serieus genomen worden. Daaraan wil ik wel toevoegen dat dat niet betekent dat wat er wordt gezegd ook waar is.”
Als ultieme afsluiter probeerde de artiest ons ervan te overtuigen dat de waarheid ergens anders ligt en hij onschuldig in het beklaagdenbankje zit. “Wat er wordt gezegd moet worden getoetst op feiten en dat hoort bij de rechtbank dat hoort in dit geval bij het hof. Die feiten laten iets anders zien dan wat er tot nu toe is geschetst aan beeld. Beeldvorming is niet iets wat thuishoort in een situatie als deze. De feiten tonen mijn onschuld, geloof ik en ik ben hier om te vechten voor mijn onschuld.” Wij op de redactie vragen ons af wie in Nederland dit gladde sprookje nog gelooft.